Overige werken van Bilderdijk

Naast gedichten en brieven schreef Bilderdijk talrijke opstellen over onderwerpen van zeer uiteenlopende aard. Hij ventileerde duidelijke meningen over zaken als ethiek, filosofie, theologie, kentheorie, natuurrecht, esthetica, architectuur en plantkunde. Slechts een klein deel van deze opstellen liet hij tijdens zijn leven in druk verschijnen; een groot aantal is ook nu nog niet gepubliceerd.

Bilderdijk leverde ook bijdragen tot de perspectiefkunde, onder meer in Grondregelen der perspectief of doorzichtkunde (1828), en hij schreef het eerste geologische overzichtswerk in de Nederlandse taal, Geologie, of verhandeling over de vorming en vervorming der aarde (1813).

Bijzonder talrijk zijn ook de taal- en letterkundige studies die hij vanaf 1805 regelmatig publiceerde. Deze teksten handelen over de geslachten van zelfstandige naamwoorden, het alfabet, grammatica en spelling, maar ook over middeleeuwse teksten, het treurspel en het toneel.
Bilderdijk was van mening dat alle talen te herleiden zijn tot een bijbelse oertaal, en dat het Hollands in deze ontwikkeling een voorname rol heeft gespeeld. Zijn ideeën over de onderlinge verwantschap van de talen zette hij onder meer uiteen in zijn in 1811 geschreven science fiction-verslag: Kort verhaal van eene aanmerklijke luchtreis, en nieuwe planeetontdekking.

Gedurende de laatste vijftien jaar van zijn leven veroordeelde Bilderdijk bij elke gelegenheid het heersende ideeëngoed van het prille Koninkrijk der Nederlanden, dat in 1813-1814 werd opgericht. Van het vooruitgangsgeloof, het optimistische mensbeeld en het democratische denken - het gedachtegoed van de toenmalige verlichte, weldenkende burgerij - moest hij niets hebben. Ook schreef hij diverse pamfletten, onder meer gericht tegen de rooms-katholieke kerk.

In Leiden gaf hij tussen 1817 en 1827 privaatcolleges aan in totaal ongeveer veertig, vooral jonge belangstellenden. Deze colleges verschenen postuum als de dertiendelige Geschiedenis des vaderlands. Bilderdijks zeer eigenzinnige visie op het verleden komt in dit omstreden geschiedwerk duidelijk naar voren.

Meer weten over Bilderdijks overige werken?

  • Zie voor een completer overzicht van de vertalingen en commentaren van Bilderdijk de catalogus van de gedrukte werken (Amsterdam 1994) in het museum.

  • Overige werken van Bilderdijk:

    Verhandeling over het verband van de dichtkunst en welsprekendheid met de wijsbegeerte, in: Werken van de Maetschappy der Nederlandsche Letterkunde VI [Leiden 1783] pp. 1-200
    Redevoering over de voortreffelijkheid der schilderkunst ('s Gravenhage 1794)
    Verhandeling over de geslachten der naamwoorden in de Nederduitsche taal Amsterdam 1805)
    Bijdrage in: C.F. Brisseau de Mirbel, Exposition et défense de ma théorie de l'organisation végétale (La Haye 1808)
    Geologie, of verhandeling over de vorming en vervorming der aarde (Groningen 1813)
    Kort verhaal van eene aanmerklijke luchtreis, en nieuwe planeetontdekking (Groningen 1813)
    Een protestant aan zijne medeprotestanten (Amsterdam 1816)
    Van het letterschrift (Rotterdam, 1820)
    Taal- en dichtkundige verscheidenheden 4 dln. (Rotterdam 1820-1823)
    Verhandelingen, ziel-, zede-, en rechtsleer betreffende (Leiden 1821)
    De bezwaren tegen den geest der eeuw van Mr. I. da Costa, toegelicht (Leiden 1823)
    Nieuwe taal- en dichtkundige verscheidenheden 4 dln. (Rotterdam 1824-1825)
    Bydragen tot de tooneel-poëzy (Leiden 1823)
    Nederlandsche spraakleer ('s Gravenhage 1826)
    Pestel (Leiden 1826)
    Grondregelen der perspectief of doorzichtkunde (Dordrecht 1828)
    Aan den heer Le Sage ten Broek (Amsterdam 1829)
    Woordenboek voor de Nederduitsche spelling ('s Gravenhage 1829)
    Beginsels der woordvorsching (Leeuwarden 1831)
    Geschiedenis des vaderlands 13 dln. (Amsterdam 1832-1853)
    Verklarende geslachtslijst der Nederduitsche naamwoorden 3 dln. Amsterdam 1832-1834)
    Opstellen van godgeleerden en zedekundigen inhoud 2 dln. (Amsterdam 1833)
    Mengelingen en fragmenten (Amsterdam 1834)
    Voorlezingen over de Hollandsche taal (Arnhem 1875)